In deze rubriek nemen we je mee in het dagelijks leven van onze klanten. Wat doen zij precies? Waar halen ze hun energie vandaan, en hoe ziet een gemiddelde werkdag eruit? Achter elke naam schuilt een uniek verhaal vol keuzes, uitdagingen en passies. Voor iedereen die nieuwsgierig is naar wat iemand écht doet van dag tot dag, bieden deze portretten een kijkje achter de schermen. Laat je inspireren door hun ervaringen en ontdek de mens achter de rol. Voor deze editie vragen we Aron om ons mee te nemen in zijn dagelijkse leven…
Hé Aron, waar kom je vandaan?
Ik ben geboren in Rotterdam, nu wonend in Groningen.
Wat is je beroep?
Ik ben mede-eigenaar van Blue Monkey Media, dus ik zit in de videografie en fotografie.
Wat vind je het leukst aan je werk?
Dope edits maken en harde visuals schieten. Ik leef om te creëren en iets vets neer te zetten. Daarnaast kom ik op veel verschillende plekken, dat houdt het fris en inspirerend.
Waar ben je het meest trots op in je carrière?
Waar we vandaan komen en dat we samen iets sterks hebben opgebouwd. Dat we ondanks alles gewoon ons eigen bedrijf hebben neergezet!
Wat doe je in je vrije tijd?
Ik maak hiphop, ben creatief bezig, vind sportactiviteiten leuk, chillen met vrienden en ik game af en toe.
Hoe ontspan je na een drukke dag?
Creatief bezig zijn, sporten zoals een balletje trappen of gooien, lekker buiten zijn of gewoon chillen met vrienden.
Hoe zou je jouw kledingstijl omschrijven?
Comfortabele streetwear en een beetje edgy.
Waar haal je je kledinginspiratie vandaan?
Ik draag vooral wat ik zelf vet vind, zonder te veel te kijken naar wat anderen doen. Ik hou ervan om kleding te dragen die je niet overal ziet.
Wat zijn momenteel je favoriete merken?
Ik heb niet echt een favoriet, ik koop wat ik dope vind. The Tee Company vind ik vooral dope door de unieke pieces en kwaliteit.
Wat is het laatste item dat je gekocht hebt?
Een camo pak van Hélas via The Tee Company.

“Ik deed maar wat, en ineens had ik een merk.” In gesprek met Thijmen van The Loose Company. Wat begint als een grapje op een skateboard, groeit soms uit tot een volwaardig merk. Voor Thijmen (28), oprichter van The Loose Company, is dat precies wat er gebeurde. Wat ooit ontstond vanuit skatecultuur en DIY-mentaliteit, beweegt nu steeds meer richting de fashionwereld. We spraken hem over zijn begin, zijn twijfels en het moment waarop een hobby serieus werd.

Je bent de oprichter van The Loose Company. Kun je jezelf kort voorstellen?
“Ja, zeker. Ik ben Thijmen, 28 jaar, en ik heb illustratie gestudeerd aan de kunstacademie. Ik skateboard al mijn hele leven en dat heeft eigenlijk mijn creatieve kant aangewakkerd. Ik tekende altijd al veel. Tijdens mijn studie kreeg ik een les over hoe je geld kunt verdienen met je werk. Toen ben ik eigenlijk best naïef, begonnen met mijn tekeningen op skateboards te drukken. Echt super primitief en eerlijk gezegd ook best lelijk. Maar ik verkocht ze wel, onder de naam Moonskate Company.” Wat begon als experiment, groeide langzaam uit. “Op een gegeven moment kwam er kleding bij, later zelfs een winkel. Dat was nooit echt het plan, het gebeurde gewoon. Ik heb het een tijd fulltime gedaan, maar merkte ook dat het best eenzaam was om alleen in een winkel te staan. En je komt minder toe aan het creatieve werk.”
Tegenwoordig combineert Thijmen zijn merk met ander werk.
“Ik doe nu sales voor Polar Skate Co. en Last Resort, zo’n drie à vier dagen per week. De rest van de tijd werk ik aan The Loose Company. Eigenlijk doe ik bijna alles zelf, behalve de social media en fotografie; daar helpt mijn vriendin mee.” Die samenwerking ontstond ook vrij organisch. “Ik stak superveel tijd in de producten, maar had geen zin om foto’s te maken. Dan kreeg je van die halfbakken iPhone-posts. Zij vindt fotografie juist leuk en is toen bijgesprongen. Nu voelt het echt als iets wat we samen doen.”
Hoe zag het begin van The Loose Company eruit?
“Het eerste product dat ik ooit maakte, was letterlijk een grap. Het was een meme, een tekening die ik op een skateboard had gedrukt. En dat deed ik op de meest illegale manier ooit.” Hij lacht. “Ik printte ontwerpen op stickerpapier, gebruikte dat als een soort stempel en sprayde er lak overheen. Gewoon bij mijn vader in de garage. Echt alles eraan was lelijk en onprofessioneel. Maar ik verkocht die boards gewoon.” Toch zat daar de kiem van iets groters.“ Het is grappig dat juist zo’n DIY-grapje uiteindelijk is uitgegroeid tot een merk. In het begin nam ik het totaal niet serieus.”

Waarom ‘Loose’? Waar komt de naam vandaan?
“Ook dat is eigenlijk een grap. Mijn moeder noemde me vroeger ‘Loes’, naar een oppas waar ik altijd naartoe wilde. Toen ik een naam nodig had, dacht ik: dan noem ik het Loose Skateboard Co., maar dan Engels gespeld.” Later veranderde hij de naam. “Ik merkte dat ‘skateboard’ mensen soms afschrikt. Dus toen heb ik het veranderd naar The Loose Company, zodat het toegankelijker werd. Maar zelfs dat heb ik pas jaren later officieel geregeld. Alles ging een beetje op gevoel.”
De grootste les: je hoeft het niet alleen te doen. Wat was de grootste uitdaging in het begin?
“Ik denk dat ik te lang dacht dat dingen te moeilijk waren. Dat houdt je tegen. Terwijl als je gewoon begint en durft, kom je er wel.” Een andere belangrijke les: loslaten. “Ik vond het lastig om anderen erbij te betrekken. Ik dacht altijd: als iemand anders het doet, is het niet precies wat ik wil. Maar je kunt gewoon niet alles alleen doen. En vaak maken andere mensen het juist beter.”
Het creatieve proces van Thijmen is door de jaren heen veranderd.
“Vroeger maakte ik gewoon wat ik vet vond, zonder na te denken over seizoenen of collecties. Nu kijk ik meer strategisch: wat werkt, wat past bij elkaar, hoe bouw je een collectie op.” Ook de focus verschuift. “In het begin draaide alles om illustraties. Nu vind ik het net zo interessant om een jas te maken die perfect zit, zonder print. Het is nu een combinatie van design en techniek.”

Wat is je favoriete collectie tot nu toe?
“Ik heb een keer een samenwerking gedaan met Buurman & Buurman, dat was echt een hoogtepunt. Niet eens per se door de producten, maar omdat mensen erover begonnen te schrijven. Dat was de eerste keer dat het voelde als een ‘echt’ merk.” Toch is hij ook trots op zijn recente werk. “Mijn laatste collectie, Top 13, voelt voor mij als een stap vooruit. Dat was de eerste keer dat ik dingen maakte waarvan ik dacht: dit zou ik zelf ook kopen.”
Wat hem drijft, is opvallend simpel.
“Ik doe dit puur omdat ik het leuk vind. Ik heb een inkomen, dus ik hoef er niet van te leven. Daardoor zit er geen druk op en kan ik gewoon maken wat ik vet vind. Dat houdt het leuk.”
The Loose Company staat op een kantelpunt.
“Het voelt nu niet meer als een grapje. Mensen kennen het merk zonder mij te kennen, en dat vind ik tof. Het staat op zichzelf.” Zijn ambitie is duidelijk: “Ik hoop dat The Loose Company over vijf jaar echt in menswear-winkels ligt en als serieus fashionmerk wordt gezien.” Maar daar hoort ook een keuze bij. “Ik zit nu op het punt dat ik moet beslissen: ga ik er echt volledig voor, of blijft het een side project? Want als ik die stap niet zet, groeit het ook niet verder."
“Misschien moet ik het gewoon serieus gaan nemen.” Met een agent op komst en groeiende interesse vanuit winkels, lijkt die keuze dichterbij dan ooit. “Ik heb genoeg werk en potentie. Dus misschien moet ik stoppen met het zien als bijproject, en het gewoon serieus gaan nemen.”